Innovatie is niet te koop

Inhoudsopgave

  1. Wat is innovatie eigenlijk?
  2. Innovatie in Europa
  3. Wat gaat er fout met de innovatiein Europa?
  4. Hoe onderzoek in Europa houden?
  5. Maar wat gebeurt er nu echt?
  6. Het innovatieplatform in Nederland
  7. Draait innovatie nu echt om geld?
  8. Zijn we met elkaar gek geworden?

1. Wat is innovatie eigenlijk?

De afgelopen maanden heb ik in de kranten eens bijgehouden wat er zoal gedaan wordt aan en gedacht wordt over innovatie in Europa en in Nederland. Dit artikel is een bloemlezing van uitspraken, meningen en onderzoeken met betrekking tot dit onderwerp, met in het laatste hoofdstuk mijn eigen conclusie. Enerzijds ‘Ter leeringhe ende vermaeck’ maar anderzijds toch ook als punt van zorg over onze toekomst en die van onze kinderen in Nederland.
De kenniseconomie lijkt verder weg te zijn dan ooit. Dit is met name veroorzaakt doordat we het afgelopen decennium meer bezig geweest zijn met het kapitaliseren van kennis dan met het vermeerderen van kennis. (Zie ‘De economische waarde van kennis daalt steeds sneller’.)

2. Innovatie in Europa

In het Lissabon akkoord hebben de lidstaten van de EU afspraken gemaakt om in 2010 weer tot de wereldtop te behoren en de EU heeft hier zelfs een speciaal commissielid voor aangewezen. Desondanks wil het niet erg vlotten. China dreigt Europa op korte termijn in te halen bij onderzoek en ontwikkeling.
Europese bedrijven investeren veel te weinig in innovatie. “De verhuizing van onderzoek en ontwikkeling (O&O) is al aan de gang”, waarschuwt het EU-commissielid voor Wetenschapsbeleid Janez Potocnik. China kan Europa al in 2008-2009 bijbenen in wetenschappelijk onderzoek. Onlangs stelde Potocnik dan ook een actieplan voor om het tij te keren.
De EU-landen beloofden om tegen 2010 3% van het bruto binnenlands product (bbp) uit te geven aan wetenschappelijk onderzoek. De jongste cijfers zijn niet veelbelovend. Europa geeft gemiddeld 1,93% van zijn rijkdom uit aan wetenschappelijk onderzoek. De Verenigde Staten zitten op 2,6%, Japan op 3,1%. Als die trend doorzet, komen we met de 25 EU-lidstaten uit op maar 2,2% in 2010. Als we rekening houden met wat de lidstaten beloofden in hun nationale plannen, kan dat cijfer nog opgetrokken worden tot 2,6%. Maar ook dat is te weinig, stelt Potocnik.

3. Wat gaat er fout met de innovatie in Europa?

Het is een fictie dat de verhuizing naar goedkopere landen als China enkel betrekking heeft op industrieproducten. De verhuizing van onderzoeksactiviteiten is al aan de gang. China gaf in 2003 maar 1,3% van zijn rijkdom uit aan O&O. Het BBP van dat land groeit echter met 10% per jaar en de uitgaven van wetenschappelijk onderzoek stijgen met 20%. In dat tempo heeft China Europa al bijgebeend in 2008-2009.
Van de Europese investeringen in wetenschappelijk onderzoek komt maar 55% uit de private sector en dat aandeel is aan het krimpen in plaats van aan het stijgen. Wij streven in Europa naar een gemiddelde van twee derde door de bedrijven en een derde door de overheid gefinancierde onderzoeksinspanningen. In Japan komt al 70% van alle investeringen in technologie uit de private sector. De grootste vijfhonderd bedrijven in Europa verminderden de afgelopen jaren hun investeringen in wetenschappelijk onderzoek met 2%. De grootste vijfhonderd bedrijven buiten Europa daarentegen verhoogden hun investering in R&D met 3,9%. Europese bedrijven investeerden vooral in auto’s en onderdelen; de buitenlandse ondernemingen in informatietechnologie. Die cijfers bewijzen dat de verhuizing van wetenschappelijk onderzoek een realiteit is. Europa investeert ook te weinig in innovatie en technologie. Waarmee ik niet wil zegen dat Europa te veel investeert in autotechnologie, maar wel dat informatietechnologie de groeiratio beïnvloedt in alle sectoren en dus niet op slechts één sector is gericht.

4. Hoe onderzoek in Europa houden?

“Meer kennis vergaren en concurrerender worden, dat is de uitdaging voor Europa in een globaliserende wereld. En dat is ook de kern van onze strategie voor groei en werkgelegenheid in Europa. We kunnen het ons niet veroorloven nog meer tijd te verliezen.”, aldus Potocnik. “Met het actieplan dat ik onlangs met mijn collega voor industriezaken, Günter Verheugen, ingediend heb, trachten we die verandering te ondersteunen. We willen investeringen in innovatie en onderzoek vanuit de privé-sector stimuleren met een brede waaier van maatregelen. Zo hebben we de regels voor staatssteun aangepast om meer ruimte voor risicokapitaal en innovatie te creëren. Een belangrijk onderdeel van ons plan is het verbeteren van de regelgeving en de werkomgeving. Door ervoor te zorgen dat wetenschappers in Europa dezelfde rechten en plichten hebben in één en dezelfde markt bijvoorbeeld, of door openbare aanbestedingen meer toe te spitsen op innovatie, door meer en beter gebruik te maken van fiscale aanmoedigingen voor innovatieve projecten of door Europese steun beter te combineren met innovatie. Het merendeel van de wetgeving die hinderend of niet stimulerend is voor wetenschappelijk onderzoek, is nationaal. Europa heeft helaas weinig in de melk te brokkelen als het gaat om fiscale prikkels voor onderzoek. We moeten ons daarom beperken tot aanbevelingen die niet bindend zijn voor de lidstaten. Toch kunnen we met die beperkte middelen stimulerend werken, door te tonen welke nationale maatregelen effectief zijn. De beste praktijken in andere lidstaten kunnen landen die minder ver staan op weg helpen.”

5. Maar wat gebeurt er nu echt?

Wat gebeurt er nu echt? Potocnik : “Vanuit Europa willen we ook de oprichting van technologieplatformen stimuleren. Dat is een samenwerking tussen onderzoeksinstellingen, industrie en overheid. Er zijn 26 technologieplatformen in Europa in opbouw, bijvoorbeeld voor de ontwikkeling van brandstofceltechnologie of om waterschaarste op te vangen. Door die brede basis, met industrie en overheid, werken die platformen aan de vereenvoudiging van wetgeving of bepalen ze gemeenschappelijke normen.”
In de discussie afgelopen zomer over de Europese meerjarenbegroting tot 2013 stond echter het budget voor wetenschappelijk onderzoek zwaar onder druk. “Het budgetdebat was frustrerend. In het laatste compromisvoorstel dat op tafel lag, was 41% gesnoeid uit de ‘Lissabon-middelen’, het budget voor groei en werkgelegenheid. Wetenschappelijk onderzoek maakt de helft van dat Lissabon-budget uit.
Het Europees kaderprogramma voor wetenschappelijk onderzoek vertegenwoordigt maar 5% van de onderzoeksuitgaven van de overheid in Europa. De lidstaten en regio’s dragen de overige 95% bij. De EU-commissie had voorgesteld voor de komende jaren het budget te verdubbelen voor wetenschappelijk onderzoek. We wilden een positieve schok geven om ook de lidstaten aan te zetten tot verandering,” aldus Potocnik.

6. Het innovatieplatform in Nederland

Met maar liefst 2200 deelnemers in DeFabrique in Maarssen, voorheen een grote mengvoederfabriek, oogde het Nationaal Innovatie Event van Jan Peter Balkenende absoluut indrukwekkend. Zeker vergeleken met het vorige nationale economiedebat, de ’show van Koos’, ruim elf jaar geleden. De toenmalige minister Koos Andriessen van Economische Zaken moest het destijds doen met een veel te krappe en snikhete zaal in Hilversum. Maar waar Andriessen destijds een hele stoet van topondernemers om zich heen verzamelde, met Philips-president Jan Timmer als de grote aanjager, daar was in Maarssen de huidige Philips-president Gerard Kleisterlee de grote afwezige, evenals andere ‘captains of industry’ overigens.
Door critici is de bijeenkomst vooraf wel bestempeld als een massale stormloop op de Haagse subsidiepotten, die met dank aan ons dure aardgas weer rijkelijk gevuld zijn. Het is precies dit cynisme dat Balkenende uit alle macht probeerde te bestrijden. Het verdelen van het geld laat hij over aan Maria van de Hoeven van Onderwijs en staatssecretaris Karien van Gennip van Economische Zaken. Blijkbaar wordt dit een weinig innovatief gebeuren, dat doet denken aan die man met die rode hoed uit Spanje. (Zie ook ‘Inkoopstrategie overheid en grote bedrijven remt herstel werkgelegenheid in Nederland?’.)
Zelf had Balkenende maar één doel: het uitstralen van enthousiasme. “Geweldig dat u hier bent uit zoveel sectoren. Uw grote aantal bewijst dat innovatie leeft in dit land.”
Vergeleken met de vergezichten van Waterland Parkstad (een film die Nederland anno 2027 liet zien) en de peptalk van Balkenende was het optreden van Laurens Jan Brinkhorst een contrapunt van reflectie. In een interview constateerde de minister van Economische Zaken dat Nederland ‘alles heeft’ om op het hoogste podium in de wereldeconomie mee te doen. Hij constateerde ook ‘dat de urgentie enorm hoog is, omdat de rest van de wereld niet op ons blijft wachten. India exporteert al heel wat meer dan bamboefluiten.’
Maar wat Brinkhorst zich hardop afvroeg is of Nederland wel wíl vernieuwen. “Ik was in oktober in India. Als ik daar Indiërs in hun ogen keek, dan straalden ze uit: gisteren was slechter dan vandaag. Bij Nederlanders zie ik vaak het omgekeerde. Ze zijn tevreden met wat ze hebben en ze zijn bang voor de toekomst.” (Zie ook ‘ Cultuur van de angst vervangen door vertrouwen en positivisme’ .)
Brinkhorst vindt dat Nederland veel te veel met zichzelf bezig is. Daardoor ontstaat een ‘klimaat van naar binnen gericht zijn, angst voor veranderingen’. Maar innovatie begint met de vraag: willen we vernieuwen? Willen we een toonaangevend land zijn, of zijn we tevreden en willen we een samenleving als Aagje Deken en Betje Wolf in de negentiende eeuw? “Best gezellig, maar niet toonaangevend”, aldus Brinkhorst. (Zie ook ‘ Bedrijfsvitaliteit: fitheid, plezier, passie en respect’.)

7. Draait innovatie nu echt om geld?

Het is een mythe dat meer geld leidt tot betere innovatie. Er is geen relatie tussen de hoogte van het onderzoeksbudget en de innovatieve prestaties van een bedrijf. Dit concluderen de consultants van Booz Allen Hamilton na een onderzoek onder 1000 beursgenoteerde bedrijven over de hele wereld. De consultants kozen de meest innovatieve ondernemingen en vergeleken hun researchbudget met hun omzet. Daaruit bleek dat de kwaliteit van het innovatieproces belangrijker is dan geld. Desondanks groeide het budget van 2002 tot 2004 met 11,5%.
Microsoft is het bedrijf met het hoogste researchbudget. Concurrent Apple volgt pas op plaats 148, maar is wel degelijk succesvol op het gebied van innovatie, zo menen de onderzoekers. Naar omzet gemeten reserveert Microsoft 21% voor innovatie en Apple maar 5,9%.
Wie succesvol wil zijn, moet een duidelijke strategie, visie en discipline hebben. “Sommige topmanagers weten niet eens naar welke projecten hun geld voor innovatie gaat. Voor hen is het een black box”, zegt Georg List, vice-president en lid van het Europese innovatieteam bij Booz Allen Hamilton. (Zie ook ‘Innovatie en bedrijfsstrategie alleen nog aan de borreltafel?’.)
Joris Beerens, eveneens lid van het innovatieteam, vindt dit een zorgelijke situatie. Hij haalt DSM aan als positief voorbeeld. “De bestuursvoorzitter van DSM geeft duidelijk aan dat innovatie bij hem hoog op de agenda staat.”
Meer uitgeven aan onderzoek helpt niet, maar te weinig investeren kan wel schadelijk zijn, zo blijkt verder uit het onderzoek. De middenweg moet worden gezocht, tenzij de bestuursvoorzitter echt zicht heeft op een unieke technologie die de concurrentie kan verslaan.

8. Zijn we met elkaar gek geworden?

Aan de ene kant wordt om het hardst geroepen dat er meer geld in innovatie gepompt moet worden. Aan de andere kant weten we in feite niet eens wat innovatie is. Bovendien is innovatie bij een bedrijf dat producten voortbrengt iets geheel anders dan innovatie bij een dienstverlener. (Zie ‘Geen productinnovatie maar procesinnovatie’.) Toch heeft het innovatieplatform al speerpuntgebieden benoemd en en passant duurzaamheid toegevoegd aan het begrip innovatie.
Het MKB wordt vaak genoemd als de motor van de economie. Een gemiddelde MKB-er echter kan het zich niet eens permitteren om een beroep te doen op een subsidiepot. Laagdrempelig samenwerken met een universiteit is meestal ook onbegonnen werk; er is geen student die niet een gerenommeerd stagebedrijf op zijn CV wil hebben staan. Dus betaalt de DGA het maar weer uit eigen zak. Misschien moeten we maar weer onderkennen dat innovatie alles te maken heeft met ondernemerschap, ondernemersklimaat en een stukje creativiteit, ingegeven door complexe klantvraagstukken. Via een Europese aanbesteding wordt in elk geval geen innovatie verkregen. Er wordt alleen maar meer van hetzelfde geboden tegen de laagste prijs; er wordt vooral gerekend en de vraag is of er wordt nagedacht.
Misschien zouden de subsidiepotjes het best naar de overheid zelf kunnen gaan. (Zie ook ‘Leiderschap, daadkracht en poldermodel in Nederland’.) Die zou innovatief moeten worden in het scheppen van een klimaat waarin ondernemers weer kunnen ondernemen en creatief kunnen zijn en waarin kleine ondernemers minder last hebben van discrimatie door de overheid, de overheid die zelf een van de belangrijkste drijvers is van het ‘old boys network’, samen met de grote bedrijven in Nederland. (Zie ook ‘Creativiteit is niet meer lonend?’.)
Tegen Balkenende zou ik willen zeggen: niet platformen maar innoveren.
Maar ja,Cruijff zei al: “Pas als je het snapt, zie je het. Dezelfde Cruijff zei ook: “Als je een voorzet wilt inkoppen, dan moet je er niet staan maar dan moet je er komen”. Misschien is het wel onze grootste makke, dat we dat niet zien.

Download:  Download dit bestand als PDF  Download dit bestand als word  Download dit bestand als RTF  Print artikel  Email artikel

Auteur: Wiebe Zijlstra | 11 januari 2006 | Copyright ZBC
graphstats trackinggraph
Deel dit artikel via:
  • Deel dit artikel via Facebook
  • Google Bookmarks
  • Bookmark deze pagina
  • Deel dit artikel via Linkedin
  • Houd mij op de hoogte van nieuwe  artikelen via RSS
  • Deel dit artikel via Twitter

Gerelateerde artikelen:

  1. Innovatie, business development of gewoon: Wie niet sterk is moet slim zijn
  2. MKB niet meer Neerlands hoop in bange dagen
  3. Beleid EZ is moordend voor de innovatie in het MKB
  4. Business innovatie MKB: Casestudy ZBC
  5. Innovatie is een middel en geen doel
  6. Innovatie is leren van het verleden voor een betere toekomst
  7. Innovatie en bedrijfsstrategie alleen nog aan de borreltafel
  8. Risico management van innovatie

Reageer op dit artikel

U dient ingelogd te zijn om een reactie te plaatsen.

Selecties uit de ZBC kennisbank als e-book vind ik

Bekijk resultaten

Loading ... Loading ...