Buzz marketing, viral marketing, experience marketing, kunt u het nog volgen
Inhoudsopgave
- De marketing is dood; leve de marketing
- Buzz marketing of viral marketing
- Experience marketing
- Inzet van internet tools cruciaal
- Koud-water-vrees?
1. De marketing is dood; leve de marketing
Voor veel marketeers is het frustrerend; opgeleid in zaken als merken, direct mail, telemarketing en noem maar op, blijken deze ineens nauwelijks meer te werken. Misschien dat u samen met uw reclamebureau nog tot de ultieme bedrijfswebsite bent gekomen als antwoord op het exponentieel toenemende gebruik van internet (zie ook ‘Reclamebureaus nog wel geloofwaardig?’), maar ook deze levert hoogstwaarschijnlijk totaal geen ‘new business’ op. Veel marketeers reageren door nog harder te gaan rennen en roepen, maar zeker bij de jongeren (tot 60 jaar) blijkt de resistentie tegen massacommunicatie intussen bijzonder hoog te zijn. (Zie ook ‘Marketing voor jongeren is het spel meespelen’.)
We kunnen concluderen dat de marketing die in de vorige eeuw succesvol was, tegenwoordig niet meer kan en niet meer werkt. Helemaal overleden is de patiënt nog niet, maar het wordt tijd voor nieuwe marketingmethoden.
De nieuwe marketingmethoden hebben namen als buzz marketing, viral marketing en experience marketing. Internet speelt hierin een grote rol en internet is veel meer dan de bedrijfswebsite. (Zie ook ‘Van B2B-websites is vanuit marketingperspectief 99% niet effectief’.)
In dit artikel willen we u concrete handvatten geven voor hoe u kunt omgaan met de genoemde vormen van marketing en hoe u ook gebruik kunt maken van internetmedia als webconferencing, livecom, RSS en weblogs. U wilt toch in uw marketing niet onderdoen voor minister Donner?
2. Buzz marketing of viral marketing
McKinsey concludeert uit een onderzoek, dat 67% van de verkoop van consumentengoederen in Amerika wordt beïnvloed door mond-tot-mondreclame. Een gegeven waar marketeers serieus wat mee zouden moeten doen.
Buzz marketing is gebaseerd op het idee dat consumenten graag ervaringen delen, zowel positieve als negatieve. In beide gevallen betekent dit dat mensen praten over een merk of een product, waardoor er veel aandacht ontstaat voor dat merk of dat product.
2.1 De voordelen van buzz
Buzz is kostenefficiënt. In plaats van alleen geld te spenderen aan massamedia, kunnen ook spraakmakende doelgroepgerichte acties worden opgezet, die veel aandacht (ook in de vorm van free publicity) opleveren. Buzz is persoonlijk. Door het unieke karakter van buzz kan de consument de indruk krijgen dat hij als het ware persoonlijk wordt benaderd. Buzz is geloofwaardig. Als de buzz wordt verkondigd door iemand uit een sociale groep, dan is deze boodschap geloofwaardiger dan een commerciële boodschap.
Buzz marketing profiteert van de groei van internet, omdat het via internet mogelijk is praktisch iedereen ter wereld te bereiken. Dit kan ook zo, dat het niet duidelijk is wie de afzender is, om bijvoorbeeld de geheimzinnigheid te bevorderen. In ‘Casestudies viral marketing’ beschrijven we een aantal concrete voorbeelden.
2.2 Het grote nadeel van buzz
De consument moet niet het gevoel krijgen dat hij (erg)voor de gek wordt gehouden. Dit kan bijvoorbeeld het geval zijn als een persoon zich uitgeeft voor iemand die niet voor een bedrijf werkt, terwijl dit wel het geval is. Dit komt wel eens voor in forums of chatboxen van online communities, waarbij bedrijven mensen inhuren die binnen communities (waar een voor het bedrijf interessant doelgroep zich verzamelt) proberen sympathie te winnen voor het merk of het product van het bedrijf. Consumenten kunnen hierdoor het gevoel krijgen belazerd te worden, wat weer kan leiden tot negatieve buzz marketing, wat het bedrijf erg kan schaden.
2.3 Verschillende doelen, verschillende tools
Buzz ontstaat niet ‘zomaar’, maar is het resultaat van zorgvuldig uitgekiende marketingcampagnes. Er zijn verschillende tools om buzz te stimuleren, zoals het stimuleren van het productgebruik door trendsetters/opinieleiders of het exploiteren van invloedrijke derden. Zo is Nike mede groot geworden door de endorsement van Michael Jordan en Tiger Woods, en werd bij de introductie van de V66 van Motorola deze mobiele telefoon uitgeleend aan journalisten.
Welke buzz marketingtool je het best kunt gebruiken, hangt af van je marketingdoel. In het onderstaande kader zijn mogelijke doelen en de tools die je daarvoor kunt gebruiken op een rijtje gezet:
| Marketingdoel | Buzzmarketing tools | Verklaring |
| Introductie van het product | Tell-a-friend campagnes*Invloedrijke personenOnline campagnesProduct seeding** | Het belangrijkste in de introductiefase is dat het product aan consumenten wordt getoond door mensen die zij vertrouwen: invloedrijke personen of vrienden uit hun eigen omgeving. Het voordeel van online campagnes is het grote bereik in aantallen |
| Bewustmaking van het merk | EvenementenOnline campagnesTell-a-friend campagnes | Voor een positieve kennismaking met het merk kunnen evenementen en online campagnes worden gebruikt. Evenementen zijn zeer zichtbaar en creëren mond-tot-mond reclame en gratis publiciteit. Met online campagnes kan een merk een grote groep consumenten bereiken. Tell-a-friend campagnes kunnen voor merkbekendheid in verschillende clusters zorgen. |
| Positionering | Invloedrijke personenOnline campagnes Evenementen | Deze drie tools kunnen ervoor zorgen dat een merk wordt geassocieerd met respectievelijk de persoonlijkheid van de invloedrijke persoon, de boodschap van de online campagne of een bepaald soort evenement. |
| Verkoop | Product seedingInvloedrijke personenProductschaarste | Voordat consumenten een product kopen, willen zij het uitproberen en in handen hebben gehad. Het verspreiden van producten onder invloedrijke personen kan verkoop vergemakkelijken. Door opzettelijk productschaarste te creëren kan het verlangen naar een product worden vergroot. |
* Tell-a-friend campagnes kunnen variëren van een doorstuurmogelijkheid op de website tot referenties en cadeauacties, met het doel mond-tot-mond reclame te vergemakkelijken en te belonen.
** Sampling binnen een bepaald netwerk
Ook Multi Level Marketing (MLM) en netwerk marketing zijn vormen van buzz marketing. Ondanks dat vaak met modder gegooid wordt waar het om dergelijke concepten gaat, omdat er nogal wat van dit soort concepten unfair is, zijn zij toch succesvol en wereldwijd goed voor miljarden omzet.
De aanpak voor het opzetten van een buzz marketing of een viral marketing actie wordt beschreven in het artikel ‘Hoe doe je viral of buzz marketing?’. Kern van de zaak is en blijft, dat u met de initiatie van een actie een warm gevoel moet overbrengen en uw netwerk de input moet geven om dit te communiceren.
3. Experience marketing
Door de stijging van de welvaart stellen consumenten steeds hogere eisen aan de kwaliteit van goederen en diensten, en door de overvloed aan beschikbare producten om materiële behoeften te vervullen, verschuiven eisen en wensen richting niet-tastbare zaken als aandacht, verbeelding en ontplooiing.
Pine & Gillmore (de goeroes op het gebied van experience marketing) zien belevenissen niet zozeer als een nieuwe marketingtechniek, die past in het tijdperk waarin de emotie prevaleert, maar meer als de nieuwe bron van economische waarde, na commodities, goederen en diensten. In de experience economy worden belevenissen door ondernemingen niet langer op één hoop gegooid met diensten en services rondom producten. In plaats daarvan verkopen ondernemingen de belevenissen door ‘geld te vragen voor de tijd die consumenten besteden aan het genieten van de activiteiten die de onderneming heeft georganiseerd om hen er op een persoonlijke manier bij te betrekken’ (Zie ook ‘Experience marketing hoeft niet ingewikkeld te zijn’.)
3.1 Experience meer dan gebakken lucht?
Wat is nu precies een experience en welke soorten experiences kunnen we onderscheiden? Experience betekent vrij vertaald ‘belevenis’ of ‘ervaring’, oftewel meemaken, ondervinden, gevoelsmatig ondergaan of emotioneel geraakt worden. Experiences hebben betrekking op gebeurtenissen die persoonlijk en mentaal raken en (daardoor) een gedenkwaardige herinnering opleveren. De belangrijkste kenmerken van een experience zijn:
- Een experience betreft een gebeurtenis (fysiek of mentaal) die zich op een bepaald moment in de tijd afspeelt.
- De gebeurtenis wordt ervaren door een individu die daarin een eigen rol (actief dan wel passief) vervult.
- Het individu interpreteert wat hij beleeft op persoonlijke wijze (zijn gemoedstoestand kan positief of negatief worden beïnvloed).
- Zijn interpretatie maakt het tot zijn eigen unieke herinnering aan de gebeurtenis. De kracht (impact) van een experience is daarmee dus voor een groot deel afhankelijk van degene die de experience ondergaat.
Marketeers die over experiences spreken, denken al snel aan amusement en vermaak als drivers voor belevenissen. Maar experiences zijn veelzijdiger. Belevenissen verschillen in de manier waarop individuen eraan deelnemen (actieve of passieve deelname) en invloed hebben op het verloop of het resultaat. Ook verschillen ze in de mate waarin individuen de belevenis ‘binnentreden’ (absorberen of ondergedompeld worden) en onderdeel van de belevenis worden. Daarmee kunnen vier typen belevenisdomeinen worden onderscheiden:
- Amusement
Deze belevenisvorm wordt passief geabsorbeerd. Voorbeelden zijn: thuis een film kijken, een tijdschrift lezen of een CD luisteren. - Leren
Leren (onderwezen worden) vereist een hoog absorberend vermogen van de ontvanger (hij treedt de experience maar beperkt binnen). Maar voor het resultaat is actieve deelname (betrokkenheid) essentieel (beklijven van de boodschap). Edutainment, een populaire vorm van spelenderwijs leren, is een voorbeeld. - Ontsnapping
In de ontsnappingsbelevenis proberen deelnemers te ontsnappen aan hun dagelijkse leven. De deelnemer is in hoge mate actief en stort zich, fysiek of virtueel, compleet in de belevenis (onderdompeling) en stapt in een totaal andere (gedachte)wereld. Voorbeelden zijn casino- of pretparkbezoek, deelname aan een virtual reality game of parachutespringen. - Esthetiek
Ook hier dompelt de ontvanger zich onder in de omgeving of activiteit van de beleving. Zijn bijdrage blijft echter beperkt, omdat zijn invloed op het verloop niet relevant is. Meestal wil de deelnemer gewoon vol overgave genieten van het gebodene. Voorbeelden zijn museum-, galerie- of concertbezoek.
Veel experiences bestrijken meerdere of alle domeinen; ze verenigen elementen uit elk van de domeinen in zich. Vaak ook omvat een belevenis niet een enkel moment, maar een tijdsperiode waarin diverse activiteiten kunnen plaatsvinden.
Hoe kun je het web inzetten om een experience te creëren voor je consumenten? Consumenten zijn gewend om op een actieve manier de lead te hebben in de communicatie met het merk. De consument is echter niet geïnteresseerd in voorgekauwde experiences die al ‘af’ zijn. Creëer dus geen ‘compleet plaatje’, maar een halffabrikaat. Zo bied je je consumenten de kans zij eigen input toe te voegen, waarmee de experience een volwaardige merkbelevenis wordt.
3.2 Interactief halffabrikaat
Een halffabrikaat wordt door de Dikke van Dale omschreven als een ‘product van verwerking van grondstoffen, gebruikt voor de vervaardiging van gebruiksvoorwerpen’. Een halffabrikaat is dus nog geen volwaardig eindproduct voor consumenten. Hetzelfde geldt voor de contextuele webomgeving, in de meeste gevallen een website. De webomgeving (halffabrikaat) bestaat uit de grondstoffen: de tools, applicaties en content- die aan de basis van een experience (eindproduct) liggen.
De webomgeving moet vervolgens worden gecomplementeerd met de input van de bezoekers -zie het als de boutjes en moertjes om de onderdelen aan elkaar te zetten- om er een volwaardige interactieve merkbelevenis van te maken. Voorbeelden van input van bezoekers zijn:
- reacties geven in forums en chatrooms;
- recensies en meningen toevoegen;
- meedoen aan competities, games, quizzen en testen;
- foto’s plaatsen;
- een eigen pagina aanmaken;
- een vraag stellen;
- een vraag beantwoorden;
- anderen uitnodigen om deel te nemen aan de merkbelevenis (viral marketing).
3.3 Interactieve experience contexten
De webomgeving, de context, biedt slechts het framework en de mogelijkheden voor interactie tussen het merk en de consument en tussen consumenten onderling. Consumenten doen, zoals eerder gezegd, de rest. Er zijn grofweg vier verschillende interactieve contexten te definiëren. Dit zijn:
- de amusementscontext;
- de leercontext;
- de servicecontext, ook wel faciliterende context;
- de communitycontext.
1. De amusementscontext
Een amusementscontext is een context waarin mensen uitdrukking kunnen geven aan hun creativiteit. Het is ook een context waarin bezoekers door middel van gamevertising op een entertainende manier met het merk bezig kunnen zijn.
Kenmerken van deze context zijn:
- Er zit altijd een spelelement opgesloten in de context; denk aan wedstrijden, games, quizzen en testen
- De context vraagt een actieve deelname van bezoekers, vanuit een positieve motivatie gaat de doelgroep aan de slag met het merk.
Voorbeelden van een amusementscontext:
- www.thingstodoyourthing.com
De website waarmee Philips via een appèl op de creativiteit van de doelgroep de relevantie van zijn nieuwe Personal Expression-producten voor de doelgroep wil benadrukken. - www.hakland.nl
De gamesite van HAK, waarmee het merk de merkrelatie met, en dus de betrokkenheid van de consument versterkt.
2. De leercontext
Een leercontext is een context die de doelgroep ondersteunt in het behalen van doelstellingen en die helpt onzekerheden te reduceren. Met deze context moet je als merk dicht bij je merkwaarden en binnen je Umfeld blijven. Dat is namelijk waar je credibility ligt voor de consument. Treed je daarbuiten, dan ziet de consument niet de relevantie van het merk voor het onderwerp waarover men wil ‘leren’.
Kenmerken van deze context zijn:
- Er vindt uitwisseling van informatie plaats tussen peers (consumenten).
- Er vindt uitwisseling van informatie plaats tussen het merk en consumenten. Dit gebeurt op basis van vraag & antwoord.
- De informatie en adviezen die peers met elkaar delen, zijn in de meeste gevallen gebaseerd op eigen ervaringen. Consumenten hebben als een soort gepercipieerde ervaringsdeskundigen een grote autoriteit onder peers.
- De informatie en adviezen van het merk hebben bij voorkeur de vorm van een advertorial. De consument heeft geen behoefte aan een zeer commerciële omgeving, waarin hij bestookt wordt met commerciële boodschappen van de afzender. Hij heeft behoefte aan antwoorden op zijn vragen.
Voorbeeld van een leercontext:
- www.pampers.com
Op deze website vinden ouders antwoorden op de meest gestelde vragen betreffende de opvoeding van hun kinderen, gerangschikt naar ontwikkeling van het kind. Pampers speelt zelf een grote rol op de website en treedt nadrukkelijk op als adviseur voor de (aanstaande) ouders.
Echter, de kracht van deze site zit ‘m in het feit dat ouders elkaar kunnen adviseren en ondersteunen. De site stelt ouders in staat om betere opvoeders te zijn (doelstelling) en leert hen meer over en/of helpt hen met (vragen over) de ontwikkeling van het kind (onzekerheidsreductie).
3. De servicecontext
De servicecontext, ook wel faciliterende context, is een context die het leven van de doelgroep makkelijker maakt, het leven van de doelgroep faciliteert, in de breedste zin van het woord.
Kenmerken van een servicecontext zijn:
- De context biedt een veelheid aan applicaties/tools die de bezoeker helpen met zijn ‘probleem’.
- De context vereist een actieve input van bezoekers. De context biedt een duidelijke waardepropositie (belofte).en is direct gefundeerd op de merkwaarden van het betreffende merk.
Voorbeelden van een servicecontext zijn:
- www.feestje.nl
Met deze site wilde Heineken zich positioneren als gangmaker op feestjes en het makkelijker en leuker maken om feestjes te organiseren. De site stelt mensen in staat om hun eigen feest van A tot Z te organiseren. Op de site vinden bezoekers een applicatie als de party calculator, waarmee ze kunnen uitrekenen hoeveel wijn, bier, frisdrank en dergelijke ze nodig hebben. Dit kan vervolgens direct bij de dichtstbijzijnde slijter worden besteld. Bezoekers kunnen tevens hun eigen feestpagina aanmaken, waarop ze hun feestje kunnen aankondigen, mensen kunnen uitnodigen en een wensenlijstje weer kunnen geven. Na afloop van het feest zijn op deze pagina de party pics te zien, als die gemaakt zijn. Verder biedt de site bijvoorbeeld de mogelijkheid om een brief te maken om de buren te waarschuwen en party tips om het meest spraakmakende feest te organiseren.
4. De communitycontext
De communitycontext is een context die de doelgroep in staat stelt om te horen bij en deel uit te maken van een gemeenschap, in de breedste zin van het woord. Bij merken gaat het er meestal om deel uit te maken van de gemeenschap van fans van een merk. Hierbij dient wel te worden aangetekend dat het slechts voor een paar merken is weggelegd om een succesvolle online gemeenschap te creëren. Vooral de lifestyle-achtige merken kunnen hier succesvol in zijn.
Kenmerken van een communitycontext zijn:
- Er wordt ingespeeld op de universele behoefte van de mens om ergens bij te horen.
- Bezoekers moeten, net als in het ‘echte leven’, moeite doen om zich te profileren. Dit vraagt een grote input van bezoekers.
- De context biedt een aantal tools om mensen te helpen andere mensen te vinden en te leren kennen.
- De context biedt tools om jezelf te profileren en te ‘adverteren’, meestal door middel van een eigen pagina.
- Communities zijn gebaseerd op het fundament van een gedeelde interesse (bijvoorbeeld auto’s, eten en drinken) of een gedeelde eigenschap (bijvoorbeeld een ziekte of beroep).
- Een online gemeenschap heeft, net als een offline gemeenschap, een gemeenschappelijke cultuur, waarden en normen, rituelen en helden.
Voorbeelden van een communitycontext zijn:
- www.ola.nl
Op deze website biedt Ola mensen de mogelijkheid om zich te profileren binnen een groep die zich aangesproken voelt door ‘zomer & fun. Maar ondanks het feit dat de context typische elementen van een communitycontext biedt, is het toch niet het meest zuivere voorbeeld van een communitycontext. Het fundament van de gedeelde interesse of eigenschap ontbreekt. ‘Zomer & fun’ is geen sterke gedeelde interesse en zeker geen gedeelde eigenschap. Het thema is te breed, waardoor het iedereen een beetje, maar niemand volledig aanspreekt. - www.smulweb.nl
Smulweb is geen community van een merk, maar is volledig onafhankelijk. Het is echter wel een goed voorbeeld van een geslaagde gemeenschap: een gemeenschap van culinaire genieters die houden van verantwoord eten & drinken. Als merk hoef je natuurlijk niet perse zelf een community te starten. Je kunt gewoon aansluiten bij bestaande communities, zoals Smulweb. Zonder zelf de investering te doen, bereik je zo een heel specifieke doelgroep op een effectieve manier.
De contexten zijn hier alle vier afzonderlijk beschreven. In de praktijk zal echter blijken dat een experience context meestal een mix wordt van de vier contexten. Dat blijkt ook uit de voorbeelden. Eigenlijk alle voorbeelden die hierboven zijn gegeven, hebben wel iets van één van de andere contexten in zich.
4. Inzet van internet tools cruciaal
Zoals Nederland 16 miljoen bondscoaches kent als het gaat om voetbal, zo heeft Nederland ook 16 miljoen internetexperts, onder te verdelen in whiz-kids en ervaren gebruikers.
Zeker de whiz-kids kunnen natuurlijk veel beter omgaan met de technologie dan ik, grijze doffer, die nog moeite heeft om een SMS’je te versturen via mijn mobiele telefoon.De crux is echter niet de technologie, maar de kennis van wat je met de technologie kunt doen en dit te vertalen naar marketingtoepassingen.
4.1 Bestaande klanten
De tijd waarin internetmarketing geconcentreerd was rond de eigen website, is verleden tijd. De eigen website is primair bestemd voor eigen medewerkers, bestaande klanten en leveranciers en vertoont steeds meer trekken van een ERP-systeem, waarmee men op een snelle manier zaken kan doen, informatie kan verkrijgen en zelfs via een productconfigurator maatwerk bestellingen kan doen tegen minimale kosten. Tevens kan men hiermee uiteraard intranetten, extranetten, portals, webshops en digitale loketten opzetten. Vooral de B2B-klant waardeert dit meer dan de vele loyalty-acties, die vaak door bedrijven verzonnen worden om klanten te behouden.
4.2 Nieuwe klanten en de generatie en ontwikkeling van leads
Als het gaat om nieuwe klanten, staan u ook veel mogelijkheden ter beschikking. Nu de geldverslindende marketingacties niet meer succesvol zijn en de klant niet meer aangesproken wenst te worden als een markt, wordt de één-op-één marketing steeds belangrijker. Internet is het aangewezen medium om te voorkomen dat deze kleinschalige marketing uw kosten nog verder opjaagt, waarbij de actiehouder niet de verkoper maar de koper is. U moet echter wel bereid zijn te geven en te delen.
Aangewezen media zijn:
- Publieke portals, die in staat zijn om uw doelgroep te binden. (Zie ‘Internet: als je een advertentie wilt plaatsen ga je toch ook geen krant uitgeven?’.) Deze zijn te beschouwen als de virtuele meubelboulevards op internet.
- Het gebruik van communities om via internet je buzz marketing boodschap te verspreiden. (Zie ook ‘Casestudies viral of buzz marketing’.)
- Webseminars en webmeetings, om verdere kennisdeling mogelijk te maken, uw prospects verder te helpen in hun koopproces of op zijn minst om uw doelgroep te binden.
- Experience marketing, omdat emotie ook een cruciaal onderdeel vormt van uw internet communicatie. (Zie ook ‘E-commerce met de E van emotie’.)
- RSS en weblogs, om enerzijds discussies uit te zetten, die aanspreken en anderzijds uw klanten en prospects de mogelijkheid te bieden hierop te reageren en te kunnen discussiëren met u of met elkaar.
- Livecom om bezoekers in staat te stellen om service of advies te vragen via een chat of om zelf te reageren op bezoekers die een bepaald klikgedrag vertonen.
- Een nieuwsbrief om bezoekers er op te attenderen welke nieuwe zaken mogelijk voor hen nu weer beschikbaar zijn.
Dit nog even afgezien van ontwikkelingen op het gebied van mobile marketing en personal agents, die er onmiskenbaar aan zitten te komen.
4.3 Internetmarketing: het runnen van uw fanclub
Marketing gaat tegenwoordig niet meer om het hebben van het beste product. Het gaat over het subjectieve gevoel dat uw doelgroep heeft over uw producten, diensten of service. Natuurlijk kunt u het zich niet permitteren om slechte kwaliteit te leveren, want gezien de communicatie mogelijkheden en de openheid die u ten toon spreidt, valt dat niet in de doofpot te stoppen. Wees ook niet bang voor een kritische opmerking; als u echt werk maakt van kwaliteit, zal juist een tevreden klant deze moeiteloos gaan weerleggen. En dat is de meest gewenste situatie, want tevreden klanten zijn tenslotte uw beste verkopers. (Zie ook ‘Marketing voor jongeren is het spel meespelen’.)
Uw reputatie en uw merk zullen steeds meer bepaald worden door de perceptie van uw doelgroep over uw totale toegevoegde waarde. Hierbij is de perceptie meestal een satisfier en kwaliteit alleen maar een dissatisfier.
5. Koud-water-vrees?
Natuurlijk heeft u geen verstand van techniek en dat wilt u graag zo houden. Hierin heeft u groot gelijk. Maar u gebruikt toch ook een PC, een laptop en een mobiele telefoon? Het gaat dus inderdaad niet om de technologie zelf, maar om het gebruik en de toepassing ervan.
Van de technologie hebben ook wij geen verstand. Die laten we graag over aan onze partners. Wat wij wel doen, is ervaring krijgen met alle nieuwe tools die beschikbaar komen, om onze marketing up-to-date te houden en hiervoor de media te gebruiken, die door doelgroepen gewaardeerd worden.
Verkopen is voor ons een gepasseerd station. Wij stellen onze ‘fans’ in de gelegenheid om te kopen door ons voor hen open te stellen, door toegevoegde waarde te leveren en indien gewenst door hen te helpen middels het voor hen op maat maken van de gedeelde kennis. (Zie ook ‘Wat mogen bedrijven tegenwoordig van hun adviseurs verwachten?’.)
En voor de daadwerkelijke realisatie van oplossingen kunnen wij u in contact brengen met partners die dit technisch kunnen uitvoeren.
De kern van marketing is echter niet de technologie want de technologie is uitsluitend het medium, zoals papier dat is voor een mailing en een telefoon voor telemarketing. Marketing blijft nog steeds gaan over positionering, doelgroepen en de hele marketingmix; alleen zijn de media en de marketing communicatie veranderd.
HINBWJZ
HIBWDADDJZ
Deze spreuk hangt bij ons al vijftien jaar aan de muur. Vijftien jaar geleden besefte ik nog niet goed, dat dit de sleutel is van experience marketing. Nu wel en ik hoop u ook.
Bronnen:
Dennis Kramer, ‘RSS: zo zet jet het in’. In: http://www.MarketingMax.nl. 10 mei 2005.
Dick Buschman & Dennis Kramer, ‘Experience marketing’; zet het web in. In: http://www.MarketingMax.nl. 30 december 2004.
Dick Buschman, ‘Brand experience: verschuiving van tastbaar naar niet tastbaar’. In: http://www.MarketingMax.nl. 7 december 2005.
Dick Buschman, ‘Brand experience: het bieden van belevenissen als marketing instrument’. In: http://www.MarketingMax.nl. 7 december 2005.
Emmanuel Rosen, ‘Buzz marketing; tips voor het gebruik’. In: http://www.MarketingMax.nl. 1 juni 2004.
Heiny Kranen, ‘Buzz marketing; hoe pak je dat aan?’. In: http://www.MarketingMax.nl. 13 februari 2006.
L. Oosterwijk & A. Loeffen, ‘Buzzmarketing, de kunst van het doorvertellen’
Peet Nieuwenhuijsen, ‘Buzz marketing; de voordelen en de nadelen’. In: http://www.MarketingMax.nl. 30 december 2004.
‘Op jacht naar media-aandacht’. In: Adformatie. nr. 48, 1 december 2005, pp 36 – 39.
Auteur: Wiebe Zijlstra | 13 november 2006 | Copyright Wiebe Zijlstra
Gerelateerde artikelen:
- Casestudies viral of buzz marketing
- Pull marketing voor grotere dienstverleners
- Integratie webseminar en pull marketing
- Marketing voor jongeren is het spel meespelen
- Pull marketing: zegen voor de klant
- Zoekmachine marketing en ROI
- Voor wie pull marketing en verkoop wel en voor wie pull marketing en verkoop niet werkt
- Zoekmachine marketing in de marketingmix

