ZBC Kennisbank

Inkoopstrategie overheid en grote bedrijven remt herstel werkgelegenheid in Nederland

Inhoudsopgave

  1. Inleiding 
  2. Innovatieve bedrijven niet meer aan de bak 
  3. Maatschappelijk verantwoord ondernemen 
  4. Innovatiehoofdstuk in jaarverslag 
  5. Innovatie en de media 
  6. Nederland de banenmotor voor Oost-Europa

1.  Inleiding

Twee weken geleden gaven we in het artikel ‘De economische waarde van kennis daalt steeds sneller’ aan dat de focus van overheid en bedrijven zozeer is verschoven van ontwikkeling naar geld, dat de continuïteit van onze beschaving ernstig gevaar loopt. Trends als outsourcing en off-shoring zorgen ervoor dat werkgelegenheid in hoog tempo wordt geëxporteerd naar lagelonenlanden en dat de beleidsmakers in Nederland zich verschrikkelijk onbewust onbekwaam opstellen.

Uiteraard verwacht u van ons ook een visie op hoe dan wel en die krijgt u ook in dit artikel. Hierbij kreeg ik onverwachts steun via een publicatie in het FD van maandag 19 april, waar onder de kop ‘Overheid moet durven inkopen bij jonge innovatieve bedrijven’ Trude Maas-de Brouwer (Eerste- Kamerlid voor de PvdA en commissaris) en Herb Prooy (CEO van Siennax BV, een Twinning bedrijf) hun reactie gaven op een lezing van de Amerikaanse professor en adviseur C.K. Prahalad, die sooortgelijke waarschuwingen laat horen.
Om ook eens het geluid van een ander te laten horen, laten we dit tweetal dan ook uitgebreid aan het woord in dit artikel in de hoofdstukken 2 t/m 5.
Dat de conclusie in hoofdstuk 6 uiteraard weer van ons zelf is, zal u niet verbazen.

2.  Innovatieve bedrijven niet meer aan de bak

Jonge, innovatieve bedrijven komen veel te weinig aan de bak in Nederland. Dat komt omdat inkopers in Nederland bureaucratisch en risicomijdend zijn. Vooral bij de overheid. De overheid moet vaker lanching customer durven zijn. Dat werkt beter dan subsidies

Nederland raakt juist veel werkgelegenheid kwijt bij grote ondernemingen door outsourcing, offshoring, etcetera. Het is dan ook zeer de vraag of diezelfde innovatie-ikonen die deelnemen in het Innovatieplatform echt de banenmotor kunnen worden.

Wij moeten hoognodig duurzame, hoogwaardige banen creëren. Dat scheppen van nieuwe banen komt juist van jonge innoverende ondernemingen. Maar jonge ondernemingen zitten in de tang. Hoe scheppen jonge bedrijven nieuwe banen, als venture capital kritisch en kieskeurig op ‘proof of concept’ is en tegelijkertijd leveranciersmanagement van grote ondernemingen en overheden juist risicomijdend en bureaucratisch is?
Iemand moet toch je eerste klant durven te zijn.

Prahalad vindt dat gevestigde concerns en nieuwe ondernemingen samen innovatieve ecosystemen moeten scheppen. De open research campus van Philips in Eindhoven is daarvan een goed voorbeeld. Het gaat daar ook om onderling kopen en verkopen van producten en diensten in concrete transacties. Prahalad vindt dit een rol van de marktsector. Wij vinden dat de overheid ook wat kan doen.

3.  Maatschappelijk verantwoord ondernemen

Uit zakelijk eigenbelang bij creatie van nieuw talent en maatschappelijke verantwoordelijkheid kunnen multinationals en overheden veel meer inkopen bij jonge ondernemingen dan nu gebeurt. Als grote inkopers nieuwe producten en diensten aanschaffen, maken kleine nieuwelingen meer omzet en kasstromen. Dan krijgt venture capital ook de smaak te pakken. Zo komen innovaties en de banenmotor op gang.
Als we dit niet voor elkaar krijgen, mislukken ook die plannen voor bedrijfjes rondom onze universiteiten.

Concerns zoals Shell, Philips, Unilever, Akzo Nobel, DSM, ABN Amro Bank, ING, Rabo Bank, Schiphol Airport en NS zijn zelf een markt voor innoverende ondernemingen in elke sector. Die rol moeten ze hoognodig oppakken. De producten en diensten zijn getest. Er kan bij inkoopmanagement een aparte shortlist gemaakt worden van innovatieve ondernemingen met een specifieke set criteria die rekening houden met de kwetsbaarheden van jong talent. Dat is ook Maatschappelijk Verantwoord Ondernemen. En dat is innoveren en werkgelegenheid voor kenniswerkers scheppen.

Doorbreek dus de cultuur van inkopen en transacties via het old boys netwerk van mannen langs de golfbaan en in de loges van voetbalstadions. Natuurlijk hebben jonge ondernemingen soms intensieve hulp nodig bij training, kwaliteitsbewaking, procesvereisten, management van projecten. Dat is voor hen een intensief leerproces. Dat kan eventueel gepaard gaan met een beperkte, tijdelijke participatie of lening zodat de kosten ervan geïsoleerd worden van de transactie.

Zo heeft ABN Amro aan Acadoo, specialist in interactieve leerprocessen via het web, een kans gegeven die met beide handen is aangegrepen. Zo brengen méér grote ondernemingen de Prahaladles al in de praktijk. Wie volgt?

4.  Innovatiehoofdstuk in jaarverslag

Concerns kunnen elk kwartaal aan de commissarissen en elk jaar in het jaarverslag een innovatiehoofdstuk produceren. Daarin kunnen zij onder andere verslag uitbrengen over welk percentage van de inkopen bij vernieuwende ondernemingen is geplaatst.
In het verleden, toen niemand Baan kende, hebben het ministerie van Economische Zaken en de grote banken deze innovatieve onderneming geweigerd, voor leningen, participaties en – vooral – opdrachten. De rest weet u.

Toespitsen van inkoopmanagement op (Nederlandse) Innovatie geldt niet alleen voor de private sector, maar ook voor de rijks- en lagere overheden, de Belastingdienst, politie, staatsdeelnemingen, grote zelfstandige bestuursorganen en de gezondheidszorg, die immers een omvangrijke inkoopkracht hebben. Het Nederlands Inkoop Centrum NIC in Zwolle bemiddelt jaarlijks euro 1,35 mrd. De overheid moet durven optreden als launching customer.
Denk aan invoering van een centraal patiëntendossier of het burgernummer. Welke rol kunnen jonge, Nederlandse innovatieve ondernemingen hierbij spelen? Daag ze maar uit. De overheid is te vaak volgend, in plaats van initiërend.

De overheid kan sturing van haar inkoopkracht naar jonge innovatieve ondernemingen rapporteren aan het parlement, zo goed als gemeentebesturen dat naar de gemeenteraad kunnen doen. Daar zitten de parlementariërs en raadsleden die de besturen controleren en richting kunnen geven aan het inkoopbeleid van de overheid. Kan de minister van Economische Zaken daarover een concreet rapport maken?

En – voor wie erbij was – geen best practices, maar next practices hebben we nodig.

5.  Innovatie en de media

Noblesse oblige. Het Innovatieplatform is niet bedoeld als melkkoe voor subsidies. Doel is ondernemingen en overheden te stimuleren zelf de banenmotor op gang te brengen door in innovatie te investeren via jonge ondernemingen. Wek het gevoel van samen fabriceren. Voorzie jezelf van een flinke scheut Oranjebitter. Dat raakt ook de landelijke media, die vaak te gauw klaarstaan met hun zelfsturende, zwevende robotpen om het maaiveld schoon en vlak te houden. Zodat niemand erboven uitsteekt. Aan de vijftig snelst groeiende, of de vijftig allerbeste Nederlandse ondernemingen besteden grote media nauwelijks aandacht, evenmin als aan opkomend talent.

In Amerika is het een eer om nummer één te zijn, in Nederland is het ‘not done’. Media hebben hierin een maatschappelijke verantwoordelijkheid. In de vrouwenbeweging is gebleken dat rolmodellen werken. Het zichtbaar maken van rolmodellen van innoverende ondernemingen kan innovatie in Nederland krachtig stimuleren.

6.  Nederland de banenmotor voor Oost-Europa

Vanmiddag gaf ik een workshop voor salesmanagers van Cap Gemini en zij klaagden over de centralisatie van inkoopprocessen bij veel grotere organisaties, waardoor er nauwelijks nog een cent valt te verdienen op een opdracht.
Ik heb daarop een tweetal uitspraken gedaan:

  • Het mechanisme dat organisaties eerst zelf gaan bepalen welke oplossing ze willen hebben om dit vervolgens door de afdeling inkoop uit te laten onderhandelen om zo de goedkoopste aanbieder te krijgen, betekent in elk geval dat er wordt ingekocht op bestaande oplossingen en niet op innovatie. Klanten kunnen zich niet lang meer permitteren via dit mechanisme oplossingen in te kopen, want ze missen hiervoor de gespecialiseerde kennis. Daardoor stagneert de ontwikkeling bij deze klanten en verslechtert hun concurrentiepositie in hoog tempo.
  • Als leverancier ben je echter verplicht niet de rol van ‘alleskunner’ maar van integrator te spelen. Dan moet je in staat zijn een factor twee goedkoper aan te bieden en een factor vier goedkoper te leveren. (Zie ook ‘Hoe realiseren dienstverleners concurrentiekracht?’.) Innovatie aanbieden op basis van uren*tarief wordt nog vaak toegepast door grote dienstverleners, die zo proberen bij alle klanten vooraan te staan. Ook zij zullen op basis van hun core competences moeten bepalen waar zij echt toegevoegde waarde kunnen bieden. Alleen over alles mee kunnen praten op kosten van de klant is natuurlijk niet voldoende. Je moet iets kunnen bieden wat de klant graag wil kopen. Dan kan ook de centrale inkoop van diensten, die uitsluitend leidt tot prijsconcurrentie op bewezen oplossingen, weer van tafel. Dan kan er geconcurreerd worden op innovatie en toegevoegde waarde.

Zolang echter grote bedrijven alleen zaken willen doen met grote dienstverleners, zal de status quo blijven bestaan.

Als we in Nederland ons niet snel bewust worden dat zowel de inkoopstrategieën van klanten als de leveringsstrategie van dienstverleners snel moeten veranderen, zal Nederland op zijn best de banenmotor van Oost Europa, Zuid Amerika en India worden.

DownloadDownload artikel als MS Word document Download artikel als PDF document Print deze pagina Verstuur deze pagina naar een vriend (email)
Auteur(s): Wiebe Zijlstra | 18 april 2004 | Copyright: ZBC


One Response to “Inkoopstrategie overheid en grote bedrijven remt herstel werkgelegenheid in Nederland”

  1. […] Inkoopstrategie overheid en grote bedrijven remt herstel werkgelegenheid in Nederland […]

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *