ZBC Kennisbank

De mens verdrongen als hoogste trap in de evolutie

 

Hersentechnologie ontwikkelt zich in razend tempo. Het ‘digitaal uitlezen’ van je lustgevoelens, van je pincode of van koopdrang in je hersenen, het is geen sciencefiction meer. Dit is het moment om de grenzen van de privacy vast te stellen, zo waarschuwen hersenonderzoekers. Voor het te laat is. Want ‘braintech’ wordt straks big business.

Hersenonderzoek beperkt zich allang niet meer tot alleen ziekenhuizen. Ook commerciële bedrijven zien grote mogelijkheden in de toepassing van deze technologie. De Oeso (Organisatie voor Economische Samenwerking en Ontwikkeling) zegt ook: ‘Het gebruik van neurotechnologische apparatuur buiten de medische context is in opmars’. Dan gaat het bijvoorbeeld om apparaten die mensen op hun hoofd zetten om hun hersencellen te prikkelen. Ze hopen daardoor slimmer te worden of betere fysieke prestaties te leveren. Nu nog bouwen en verkopen vooral burgers en alternatieve subculturen deze apparaten voor hersenstimulatie, niet gehinderd door welke wetten dan ook. Want dit is nog niet voorzien.
De Oeso roept daarom op tot een maatschappelijk debat: met welke regulering is misbruik te voorkomen? Wie bepaalt wat hersenen normaal gesproken horen te doen? Kan het ‘verbeteren’ van hersenfuncties leiden tot oneerlijke verschillen tussen mensen of tot discriminatie? Mogen ouders zomaar middelen toedienen aan hun eigen kinderen, waardoor ze betere school[prestaties leveren, of is dat hetzelfde als sportdoping?

Een robot besturen met je hersenen

Zweedse onderzoekers kunnen een robot besturen met hun gedachten. Niet alleen voor een simpele beweging, maar om een complete automotor in elkaar te zetten.
Eerst trainden ze mens en robot apart. De gedachten van de mens werden ‘uitgelezen’ via encephalografie, beter bekend als EEG. Die techniek is niet meer zo exclusief, dat ze alleen in het ziekenhuis wordt gebruikt. Veel gamers zitten al met een badmuts vol elektroden op hun hoofd achter een beeldscherm en laten hun poppetjes andere poppetjes vermoorden door dit te ‘denken’. EEG-headsets zijn er al vanaf €99, maar ook van €25.000 of meer.
De training was niet heel bijzonder: het was vooral een kwestie van vaak doen. Telkens als de mens dacht aan de opdracht ‘til de cilinder op’, registreerde het EEG een elektronisch signaal dat waarschijnlijk de bewuste gedachte was. Hoe vaker de training werd gedaan, hoe preciezer het signaal werd geïdentificeerd. Het bleek wel lastig dat de hersens onwillekeurig ook andere opdrachten geven, zoals het bewegen van een voorhoofdspier, maar dat kon snel worden weggefilterd.
Nadat de exacte hersengolf voor de opdracht was ‘gevangen’ − tien trainingssessies waren meestal genoeg voor 100% accuratesse − was de robot aan de beurt. Die moest gaan aanleren wat dit denksignaal betekent. Na enig experimenteren lukte het de robot om allerlei onderdelen van de motor op zijn plaats te krijgen, door te reageren op de hersengolven van de mens. Het enige wat die nog moest doen, was aan het eind alle schroeven stevig aandraaien.
De onderzoekers denken voor de nabije toekomst aan het ontwikkelen van meer commando’s voor de robot. Nu werd alleen nog een motor in elkaar gezet, straks misschien een hele auto.
Het doel is samenwerking, beweren ze: de mens bestuurt de robot om het werk makkelijker te maken. Ook willen ze de training effectiever maken, zodat er minder sessies nodig zijn voor één specifieke opdracht. En ze hopen beter inzicht te krijgen in het dagritme van de hersens: ‘s ochtends blijken gedachten namelijk heel wat preciezer te ‘lezen’ dan aan het eind van de middag.

Het lezen van emoties

Met een mri-scanner kunnen bijzondere activiteiten in het lichaam in beeld gebracht worden. Ook hersenactiviteiten zoals emoties. En dat gebeurt niet alleen met een medisch doel. Ook laboranten van Neurensics, een bureau voor marktonderzoek, bedienen de knoppen van een scanner. Er is wel een relatie met de wetenschap. Neurensics zit in een gebouw van de Universiteit van Amsterdam (UvA), twee van de oprichters werken aan de UvA en de scanner wordt gehuurd van de UvA.
Meestal worden door Neurensics commercials getest, om te zien of een verwachte emotie ook werkelijk wordt opgewekt. Soms een verkiezingswijsheid, zoals de meest effectieve kleur stropdas voor een politicus (rood geeft gezag, blauw brengt gevoelens van betrokkenheid om zeep).

24 emoties

Tot nu toe kon van emoties alleen een momentopname worden gemaakt. Neurensics gaat echter verder en heeft ook tests uitgevoerd om het  verloop van een emotie trachten vast te leggen. 
Hiervoor werd bijvoorbeed een vrouw in de scanner gelegd. Haar zintuigen werden via een film geprikkeld met beeld en geluid. Op een scherm werd zichtbaar waar de vrouw op haar eigen scherm naar keek, seks, eten, humor, horror, nog meer seks. Julia Roberts eet spaghetti, een kat springt mis, iemand tuigt een voorbijganger af op straat, survival-expert Bear Grills eet een rauw hart. Het waren steeds videofragmenten van een paar seconden, direct achter elkaar gemonteerd. De beelden moesten 24 soorten emoties opwekken bij de vrouw. Elk van die emoties correspondeerde met een andere plek in haar brein. De onderzoekers spreken overigens liever niet van een ‘plek’, maar van een ‘samenhang van structuren’, want emoties zijn net zo gecompliceerd als het brein zelf.
Een computerscherm toonde intussen de hersenen van de vrouw in de machine, in zwart-wit. Allerlei delen lichtten op en doofden en weer uit. Bij een foto van dode baby-pinguïns lichtten andere hersengebieden op dan bij een filmpje van een man en een vrouw die elkaar uitkleedden in een roes van zweet en lipgloss.

Erg privé

Hier sneuvelt dus de laatste verdedigingslinie in de strijd om privacy. Een strijd die we verliezen. Onze hersenen zijn niet langer een ondoordringbare vrijplaats voor gevoelens en ideeën. Dat idee eindigt bij deze machine en de kennis over oplichtende delen van ons brein.
Na analyse van alle data bleek bovengenoemd experiment geslaagd. Walter Limpens van Neurensics: ‘Bij het testen van tv-commercials kunnen we zien welke plezierige of onplezierige gevoelens in de loop van de tijd veranderen. Zo kunnen we beter zien welke elementen goed of slecht worden gewaardeerd.’

Angstpatronen activeren

Volgens Victor Lamme, mede-oprichter van Neurensics en hoogleraar neurowetenschappen aan de UvA, is dit systeem een stuk betrouwbaarder dan het klassieke marktonderzoek, waarbij mensen wordt gevraagd of ze een product zullen kopen. Hij zegt: ‘Er is zelden een relatie tussen wat mensen zeggen dat ze van plan zijn, en wat ze werkelijk doen. In een enquête kunnen mensen zéggen dat ze het product zullen kopen, maar onze scans voorspellen nauwkeurig of ze het zullen dóen.’ Neurensics kan inmiddels 24 typen emotie van elkaar onderscheiden op een hersenscan.
Naast bekende emoties komen er bij dit soort tests ook onverwachte reacties aan het licht. Zoals het effect van een onduidelijke boodschap. Als iemand een commercial niet snapt, wordt het angstpatroon in de hersens geactiveerd. ‘De verklaring zou kunnen zijn’, zegt Lamme, ‘dat onduidelijkheid hetzelfde gevoel opwekt als onzekerheid. En onzekerheid wakkert angst aan. Dat is al vroeg in de evolutie ontstaan.’
Onze emoties kunnen ons ook flink om de tuin leiden, zeker in handen van reclamemakers. ‘Mensen die gouden bergen beloven, worden sneller vertrouwd’, zegt Lamme. ‘Dat komt doordat vertrouwen, net als hebzucht, voortkomt uit delen van ons brein die gaan over de zoektocht naar beloning.’

De volgende stap

Heel praktisch is dit onderzoek nog niet. Neurensics kan veel emoties blootleggen, maar alleen bij iemand die bereid is om in de scanner te gaan liggen. De gedroomde volgende stap is het creëren van een algoritme op basis van inzichten uit de hersenscans. ‘Als je met kunstmatige intelligentie het gedrag van mensen kunt voorspellen’, zegt Lamme, ‘dan heb je het echt begrepen. Dat lukt al goed met het onderwerp aandacht. Wij kunnen nu betrouwbaar voorspellen waar iemand het eerst naar kijkt bij een foto, een filmpje of een krantenpagina.’
De snelheid waarmee hersenonderzoek in de praktijk wordt gebracht is voor veel mensen beangstigend. Dat lijkt moeilijk voorstelbaar bij Neurensics. Een proefpersoon gaat vrijwillig in de scanner liggen. Het apparaat onthult emoties en manipuleert ze niet. Maar het is een nieuw, snelgroeiend terrein. Buiten de wetenschap, waar doorgaans ethische commissies meekijken, bestaan nog geen ethische of juridische spelregels.
Neurensics-oprichter Victor Lamme blijft laconiek onder al die ethische vragen. Hij heeft sowieso geen hoge dunk van het brein. Hij zegt het moment te verwelkomen dat de computer het overneemt van de mens: ‘Als mensen zichzelf kunnen verbeteren door zich aan te sluiten op een computer, zoals Elon Musk dat wil met zijn bedrijf Neuralink, dan zou dat helpen. De evolutie gaat te langzaam. Het brein is geschikt voor de overzichtelijke wereld van een miljoen jaar geleden, maar niet voor de complexe wereld van nu.’

Regulering is nodig

Niet alleen de Oeso trekt aan de bel. Identieke geluiden komen uit de hersenwetenschap. Pim Haselager, universitair hoofddocent in Nijmegen, waarschuwt voor neurohacking: met een badmuts vol elektroden kunnen simpele maar grote geheimen worden ‘gelezen’. Hij zegt: ‘Het werkt nog niet perfect, maar er zijn al voorbeelden van neurohacking waarbij informatie kan worden ontfutseld over een bankrekening, een creditcard of een pincode.’
Haselager wijst vooral op de kwetsbaarheid van de ‘brain-computer interface’: een hoofdkapje met elektrodes dat via een bundel kabels op een computer is aangesloten. Het is vooral populair bij gamers die zonder muis en toetsenbord willen spelen. Zo’n apparaat, zeker als het slecht is beveiligd tegen hackers, maakt een nieuw type criminaliteit mogelijk, zegt hij: ‘neurocrime’. Het stelen van informatie uit ons hoofd.
Hij vindt dat we nú moeten bespreken wat acceptabel is. De privacy staat op het spel, zegt Haselager. Vooral wanneer mensen zich niet bewust zijn dat ze worden ‘gelezen’, of wanneer het tegen hun zin gebeurt. ‘Als we er pas over discussiëren wanneer deze technologie is ingevoerd, dan zijn we te laat.’

Baas in eigen hoofd

René Descartes, grondlegger van de westerse filosofie, stelde 400 jaar geleden al: “Ik denk dus ik besta.” Mede daarom wordt de mens wel als de hoogste trap in de evolutie beschouwt. Maar is dat eigenlijk nog wel waar als we niet eens meer baas zijn over ons eigen brein?
Hersenwetenschappers proberen niet alleen emoties of ideeën in het brein te lezen. Ze willen ook voorspellen wat iemand wil doen. Uit verschillende experimenten blijkt dat de wetenschapper zo’n ‘intentie’ eerder registreert dan de proefpersoon zelf. De eerste wetenschappelijke experimenten met intenties zijn van de Amerikaanse neurofysicus Benjamin Libet (gepubliceerd in 1983). Hij ontdekte dat het motorische centrum in de hersens al een simpele beweging inzet, zoals het indrukken van een knop, een halve seconde voordat iemand zich bewust is dat hij of zij dat knopje wil indrukken. Zijn conclusies en methodes zijn overigens niet onomstreden.
In 2008 publiceerde het vakblad Nature Neuroscience een variant op dit onderzoek, waaruit blijkt dat sommige beslissingen zelfs al 10 seconden vóór bewustwording zijn ingezet in de hersens. Sommige neurowetenschappers concluderen hieruit dat het bewustzijn hooguit een ‘bijproduct’ is van de activiteit van hersencellen. Mensen zouden geen spontane beslissingen kunnen nemen. Hierover schreef Victor Lamme van Neurensics het boek ‘De Vrije Wil Bestaat Niet’.

De mens als trouwe tweevoeter

We hebben het gezien met privacy. Die werd verkwanseld voor wat kraaltjes en spiegeltjes. We doen dan wel moeilijk over privacy, maar hebben het zelf allemaal goedgevonden. De volgende stap is de verbinding leggen tussen ons mobieltje en onze hersenen, dat we ons mobieltje gebruiken om slimmer te zijn en om meer te weten, zonder dat we weten hoe dat mobieltje ervoor zorgt de goede informatie aan te leveren. Nu al bestaan de algoritmen de mens om te manipuleren met de informatie die ze krijgen. Facebook en Google passen het toe. Nog een paar stappen van integratie en de mens is gedegradeerd tot de trouwe tweevoeter van zijn mobiel, zoals een hond de trouwe viervoeter is van zijn baas. En de tweevoeters dan, die geen baas hebben? Simpel, die pakken we op en brengen we naar het asiel. Daar mogen ze blijven tot mogelijk een baasje ze leuk vindt.

Bronnen:
Jan Fred van Wijnen, ‘Stiekem aan seks denken kan niet meer’. In: Het Financieele Dagblad.
19 mei 2018.
Jan Fred van Wijnen, ‘De robot aansturen met je gedachten lukt het beste in de ochtend’. In: Het Financieele Dagblad. 31 mei 2018.
DownloadDownload artikel als MS Word document Download artikel als PDF document Print deze pagina Verstuur deze pagina naar een vriend (email)
Auteur(s): Wiebe Zijlstra | 4 juni 2018


Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *