ZBC Kennisbank

Multitasking werkt niet bij nadenken

 

Steeds meer mensen gaan ‘zappend’ door het leven. Het groeiende aanbod digitale prikkels en gadgets om kleine klusjes zelf te doen lijkt steeds minder tijd te bieden voor nadenken. Gevolg is vaak weinig meer diepgang dan een tweet van minder dan 140 posities.

Onze digitale communicatie verschuift steeds meer van tekst naar plaatjes. Het zwart-wit denken floreert en nuances zijn vaak niet aan ons besteed. Al die tinten grijs zijn immers complex. Compromissen sluiten we niet meer, want het uitruilen van behoeften is veel gemakkelijker. We leven steeds meer in een polariserende wereld, waarbij de waarheid vaak in het midden ligt, vertrapt door de strijdende partijen die geen tijd meer hebben om na te denken. Ben je er nog? Dan is de rest van dit artikel waarschijnlijk koren op je molen en weet je wat ik met dit gedateerde gezegde bedoel.

Aandacht om de veranderingen bij te houden

Er worden steeds hogere eisen aan ons gesteld om de snelle veranderingen in de wereld bij te kunnen houden. Dat geldt zeker voor organisaties. Als je even niet oplet, dan waan je je in een andere wereld.  Zo werden er vier jaar geleden bij de verkiezingen geen stemcomputers gebruikt, om te voorkomen dat anderen konden zien wat je had gestemd. We waren bang dat onze privacy werd geschonden. Bij de laatste verkiezingen moesten we ons zorgen maken of ons stemgedrag mogelijk werd beïnvloed door andere machten of mogendheden. Want via big data is dat mogelijk en onze social media nog zijn daar nog niet op ingericht.  
Volgens Ellen de Lange-Ros, die bedrijven helpt met groeien en innoveren en auteur is van onder andere ‘Een zaak van zacht werken’, is aandacht een essentieel bedrijfsmiddel.  Het gaat in de economie volgens haar vandaag de dag niet meer om het rationeel verdelen van fysiek schaarse goederen, maar om het creatief scheppen van een overvloed aan middelen en diensten. ‘Het ging in bedrijven altijd over ‘tijd en actie’. Nu gaat het veel meer over ‘aandacht en waardecreatie’. Waar geef ik mijn aandacht aan? En hoe kan ik daarmee waarde creëren?’ Deze nieuwe uitdagingen doen vooral een beroep op de creativiteit van medewerkers. ‘En hier gaat het vaak mis’, meent De Lange-Ros. ‘Niets doen is veelal een taboe in bedrijven. Maar creativiteit ontstaat vaak juist tijdens momenten van verveling of niets doen.’

Concentreren kun je leren

Stefan van der Stigchel is het hiermee eens. Hij is hoofddocent experimentele psychologie aan de Universiteit Utrecht, schreef het boek ‘Zo werkt aandacht’ en geeft leiding aan het AttentionLab, dat onderzoek doet naar aandacht. ‘We weten dat mensen op twee manieren dingen met aandacht voor elkaar kunnen krijgen. De eerste is door opperste concentratie, zonder afleiding. Dit is vooral zinvol voor ingewikkelde taken. We vinden dit steeds moeilijker, omdat we voortdurend worden afgeleid. Gelukkig kun je concentreren leren. Je wordt er beter in naarmate je het vaker doet.’Hij heeft voor ons een vijftal tips:

  • Besluit niet alles meer te lezen. Focus op twee of drie belangrijke zaken en laat de rest zitten.
  • Link niet met alles en iedereen overal op sociale media. Zoek het niet in kwantiteit, maar in kwaliteit. De meeste connecties zorgen alleen maar voor afleiding.
  • Plan minder verplichtingen, zodat je ook werkelijk met je hoofd erbij kan zijn op een event of vergadering.
  • Besteed voor en na vergaderingen aandacht aan geestverwanten en andere interessante contacten door geen direct aansluitende vergaderingen te plannen.
  • Verdrink jezelf niet in data en analyses. Vergeet niet de oorspronkelijke belofte van data: voeding van creativiteit en hulp bij goede beslissingen.

Nu ff niet

De tweede manier die Van der Stigchel noemt is even niets doen. Dit is vooral nuttig bij creatief werk. De beste ideeën ontstaan namelijk op momenten dat je gedachteloos handelt. Je fietst, je staat onder de douche, je mijmert wat. En ineens is daar een oplossing. ‘Dat komt omdat onze hersenen in de zogenaamde ‘default’ of standaardstand schieten zodra we stoppen met het verrichten van handelingen’, legt de psycholoog uit. ‘Door even geen bewuste aandacht te geven aan zaken om je heen, komt er ruimte vrij in je brein en ontstaan er ideeën.’Helaas zit de agenda van menig medewerker of leidinggevende vaak zo vol, dat er weinig tot geen tijd over blijft om te ‘scharrelen’. Van der Stigchel: ‘Dat kan inderdaad een probleem zijn voor bedrijven die afhankelijk zijn van goede ideeën en creativiteit van hun mensen.’Werken in dagdelen in plaats van in blokjes van uren, kan ook creatieve ruimte bieden, meent De Lange-Ros. ‘Wie echt wil creëren, moet daarvoor minimaal een tijdblok van drie uur hebben’, legt ze uit. ‘Twee of drie van dit soort blokken per week is vaak al voldoende voor medewerkers om bergen te kunnen verzetten.’

Moeten we sneller of juist langzamer?

Maakt het huidige tijdsgewricht, dat ons bijna dwingt om zeer veel prikkels al zappend in ons op te nemen, ons oppervlakkiger in ons werk? Zorgt dit er bijvoorbeeld voor dat we nog maar zelden de tijd nemen om écht aandacht te geven aan vraagstukken? Maakt dit ons tot generalisten pur sang? Van der Stigchel: ‘De verleiding is inderdaad groot om steeds weer ad hoc te reageren op de prikkels die zich aandienen. En één ding is zeker: wanneer we aandacht geven aan het één, kunnen we het niet ook geven aan iets anders. Onze hersenen doen niet aan aandacht verdelen. Of we daardoor oppervlakkiger worden, is de vraag. Ja, als je zappend door het leven gaat, dan scheer je over de oppervlakte. Het is de eigen keuze van een ieder om te bepalen waaraan hij zijn aandacht geeft.’Wie zich echt ergens in wil verdiepen en meer wil kunnen roepen dan krantenkoppen alleen, zal zich ook volgens Van der Stigchel bewust moeten afsluiten voor prikkels. ‘Het feit dat veel managers hun eigen agenda beheren, zelf twitteren en hun mail afhandelen helpt niet om vraagstukken te kraken, of problemen in de organisatie in kaart te brengen. Ze zijn dan te snel afgeleid. Managers die dit soort afleidende taken hebben uitbesteed, kunnen daarentegen wél hun onverdeelde aandacht geven aan zaken waar ze hier en nu mee bezig zijn. Of dat nu een gesprek met een ander is, of een rapport dat ze doornemen.’ Aan onze hersenen ligt het in ieder geval niet. Van der Stigchel: ‘Die zijn ondanks de vele prikkels om ons heen onveranderd gebleven. Zo snel gaat de evolutie nu ook weer niet. Ze zijn nog steeds prima in staat tot focus, concentratie en diepgang.’ Alleen kunnen onze hersenen niet multitasken. Dat zal nog gauw een miljoen jaar duren. Aan ons dus om bewust te kiezen voor die focus, concentratie en diepgang.

Gebruik integratie werk en privé

Als ik redelijkerwijs mag verwachten niet gestoord te zullen worden, kan ik geconcentreerd werken. En dat vind ik prettig. Vaak begin ik daarom ’s morgens om 5 uur of op zondagmorgen. Op die tijdstippen word ik niet afgeleid en kan ik rustig nadenken of bijzonder effectief werken. Het zijn ook de momenten waarop ik artikelen schrijf zoals deze. Als ik dat overdag probeer, dan komt er vaak van alles tussendoor en is het resultaat slechts een warrig stuk. Het geeft me tegelijkertijd de mogelijkheid om sowieso ’s avonds vrij te nemen. En daarnaast ook nog overdag, wanneer ik geen verplichtingen heb. Kortom, door niet krampachtig werk en privé te scheiden, maar deze juist te integreren, houd ik per saldo deze twee beter in balans. Voorwaarde is natuurlijk dan wel dat ik in privé-tijd de zelfbeheersing moet hebben om niet te reageren op prikkels zoals de telefoon, mail en de social media.

Bron: Irene Schoemakers , ‘Concentreren kun je leren’. In: het Financieele Dagblad. 4 maart 2017.
DownloadDownload artikel als MS Word document Download artikel als PDF document Print deze pagina Verstuur deze pagina naar een vriend (email)
Auteur(s): Wiebe Zijlstra | 30 maart 2017


Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *